Vom Unfreien Willen

Op 15 juni 2017 behandelden wij op de Bibelgesprächsabend de discussie tussen Erasmus van Rotterdam en Luther over de vrije wil. Een samenvatting en vertaling van het uitgereikte document ZIE HIER.

Luther geeft toe dat er in de Bijbel duistere passages staan. Maar ‘Nadat het zegel is verbroken (Op 6:1)‘ wordt duidelijk dat Christus Zoon van God, mens is geworden, dat God 3-enig is en toch 1, dat Christus voor ons allen geleden heeft en voor eeuwig regeert. Maar haal Christus uit de Bijbel (‘Schrift’) en er blijft niets van over.

Volgens Erasmus zijn vragen over de vrije wil zinloos. Zoals: heeft God voorkennis betreffende het eeuwig heil, kunnen wij hier zelf aan bijdragen? Of overkomt het ons allemaal?

Luther ziet het echter als erg belangrijk. Het is noodzakelijk om iets te weten over de verhouding van de vrije wil tot Gods genade. Het is niet alleen ‘Notwendig’ maar ook heilzaam te weten dat God overal al kennis van heeft, de toekomst kent en naar die kennis handelt. Dit wetende blijft er niets van een vrije wil over. God bepaalt alles en Zijn wil is niet te veranderen. Rom 9: ‘Hij verstokt wie Hij wil’. En nog erger: ‘Velen zijn geroepen, weinig uitverkoren’.

Als dat zo is, zegt Erasmus, wie zal zijn leven dan nog willen beteren?

Niemand, zegt Luther,want niemand kan dat. Maar de vromen en uitverkorenen zullen door de Heilige Geest steeds beter worden, de rest zal onverbeterlijk te gronde gaan. Niemand zal geloven dat God van hem/haar houdt, alleen de uitverkorenen.

Lees verder