New Scientist dec 2015: Themanummer ‘Het Brein’

Ik ga alles per hoofdstuk langs.

Allereerst een interview met Erik Scherder, hoogleraar Bewegingswetenschappen, ooit fysiotherapeut. Om goed cognitief te functioneren moet je bewegen. Een half uurtje en daarna 10 uren in de stoel, dat is echt te weinig. Er zijn voldoende goede onderzoeken die dit onderbouwen. En als je niet kunt bewegen door een verlamming of i.d. moet je alternatieven zoeken, die zijn er wel Muziek bijvoorbeeld.

Handleiding Brein

  1. Aandacht. Doe dingen met aandacht. Laat je niet afleiden door allerlei zaken. Soms kan het handig zijn om bv te studeren of te werken in een rumoerige omgeving (deed ik vroeger ook, voor mijn tentamens leren in het restaurant van Schiermonnikoog, werkte geweldig)!
  2. Werkgeheugen. Dat heb je dagelijks nodig bij het uitvoeren van verschillende taken. Het werkgeheugen is een concept, het is niet aan te wijzen ergens in je hersenen. Een goed functionerend werkgeheugen is belangrijker voor een Academische carrière dan IQ. Je kunt het trainen.
  3. Logisch en rationeel denken. Vraagt enige training. Er zijn wel argumenten om te denken dat met name de linker prefrontale cortex hier een rol speelt. Emotie is niet noodzakelijk tegenstrijdig met logisch denken, soms faciliteert het, denk aan zg ‘onderbuikgevoelens’,  die moet je zeker serieus nemen.
  4. Leren. Een vaag, algemeen stukje. Na het leren jezelf direct toetsen. En blijf bewegen, dat werkt het best.
  5. Kennis. Met name de temporale kwab speelt een rol bij het bewaren en hanteren van kennis. Men spreekt ook wel over het ‘Semantisch geheugen’. De feitjes en de weetjes, de betekenis van woorden en begrippen. Het is mogelijk dat het geheugen vol loopt. Als je oud bent en altijd veel gestudeerd hebt kan er op een moment niets meer bij. Deze stelling gaat mi uit van een bepaalde visie op geheugen. Ik geloof er niets van en dat is dan een functie van mijn rechter temporaalkwab. Mooi klaar mee!   🙂
  6. Creativiteit. Daarover is niet zoveel te melden. Er is een zekere mate van erfelijkheid. Je moet je brein in ieder geval vullen met voldoende gegevens en dan afwachten of er iets op-plopt. Dat is eigenlijk wel de kern. O ja, ben je een ochtendmens, dan komen de creatieve ideeën vooral ’s avonds.
  7. Intelligentie. Dat is helaas nogal erfelijk. Uit een ander artikel wil ik nog wel even toevoegen dat een hoog IQ niet automatisch een goede rationaliteit geeft. IQ moet je leren gebruiken. Je kunt met een hoof IQ de meest bizarre gedachten ondersteunen. Met het ouder worden neemt een bepaalde vorm van IQ toe, je ziet sneller patronen.
  8. Bioritmiek. Concentratie is des morgens niet het best. Creativiteit weer wel. Als ons brein onder de 37 graden komt, werkt het slechter. Dat is normaal in de vroege ochtend het geval.

Die intelligentie, voor wat het waard is, heeft te maken met aan de ene kant je kunnen concentreren op een taak, en aan de andere kant intuïtie.  Intuïtie maakt grote hoeveelheden kennis beschikbaar. Maar dan moet je je ook afvragen of die intuïtie klopt met de feiten. En er niet blind achteraan hollen.

Er wordt een globale anatomie van de hersenen beschreven. Daarvoor kun je terecht in een goed anatomieboek. Sla ik over.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.