Quest – Andreas Esbach

Het verhaal begint op de planeet Pashkan, waar broeder Bailan twee pelgrims, Dawill en Tennant Kuton, leidt naar het Pashkanarium. Dat ligt hoog in de bergen en bevat alle kennis van de mensheid. Het zijn vreemde lui. Één van de twee moet aldoor poepen en duikt dan met zijn schepje achter een rots. Maar wat begraaft hij daar?
Eenmaal aangekomen zijn de pelgrims diep onder de indruk. Het Pashkanarium is immens groot, in duizenden jaren gebouwd laag over laag, beschermd door een energiescherm, gekregen van de Eloa, een niet humanoïd ras.
Eenmaal binnen nemen ze Bailan gevangen. Onderweg heeft Dawill aldoor een klein baken geplaatst in plaats van te poepen. Deze bakens leiden jachtvliegtuigen naar een niet gesloten plek in het energiescherm. Ze stelen alle voorwerpen die te maken hebben met aliens, Bailan wordt meegenomen om de apparatuur te bedienen. Hij komt terecht in een gigantisch ruimteschip met een zeer gestratificeerde bevolking. Edelen, burgers en slaven (vertaling bij benadering). Het schip wordt geleid door commandant Quest.
Het Rijk wordt bedreigd door de Sterrenkeizer, deze heeft een rijk ter grootte van meerdere Melkwegen. Quest wil met gegevens die hij nu heeft, de Planeet van Oorsprong zoeken om daar iets te vinden dat kan helpen. Hij zegt in opdracht, maar dat is niet zo.
Tijdens de lange tocht naar de planeet van het niet humanoïde ras stuit men op een ruimteschip met pech, maar dan 400 jaren geleden. De overlevende commandant heet Smeeth. En daar is iets mee. Hij is onsterfelijk. Hierna komt het verhaal pas goed op gang. De schrijver creëert een interessant universum met bijzondere eigenaardigheden. Ik heb het in één keer uitgelezen, maar heb er een aantal dagen over gedaan, het is een dik boek. Ik moet meer van deze schrijver lezen.

Goodreads DE