Die Tochter des Klosterschmieds – Peter Dempf

Ergens in de vroege Middeleeuwen, ten tijd van Karel de Grote, heeft graaf Ewalt Pfaffenstein een leen aan de Moezel. Daar hoort ook een groot klooster bij. In het kasteel werkt een smid. Zijn vrouw is overleden, hij heeft één dochter. Als de graaf terugkomt van de oorlog is hij woedend op de smid omdat zijn zwaard in de strijd is gebroken, hij laat de rechterhand van de smid afhakken. De smid overleeft en wordt nu smid in het klooster waar zijn dochter het zware werk moet doen. Ze wordt erg goed in het vak. Maar een vrouw als smid? Kan nooit goed zijn. En een zwaard dat door een vrouw is gesmeed? Niet gebruiken, dat is god verzoeken. Maar ze maakt een zwaard zoals nog niet eerder is gemaakt. In staat om elk ander zwaard te breken. Als de zoon van de graaf dat ontdekt, wil hij haar geheim stelen. Ze vlucht.
Het is een goed geschreven, spannend historisch verhaal. De verhoudingen tussen volk, kerk en adel komen goed naar voren. De persoonsbeschrijvingen zijn voldoende voor het verhaal. Wat er mijns inziens niet echt in past is de grote gevaarlijk hond die gered word door Ulfbertha (de dochter) en nu zo dankbaar is dat hij haar altijd volgt en redt. Hij begrijpt ook gecompliceerde opdrachten. Dat even terzijde, ik vind het een mooi boek, een aanrader!
Gelezen in het Duits.

Luther, zijn weg en werk – W.J. Kooiman

lutherAls kersvers lid van de Evangelisch-Lutherische kirche moet ik natuurlijk wel mijn kennis over deze man wat opfrissen. De grote lijn zal ik niet bespreken, zie daarvoor oa HIER.
Dit boek uit 1959 geeft niet alleen een historisch verslag, maar zet Luther ook neer als kind van zijn tijd, namelijk een late middeleeuwer. Hij is door een diep dal gegaan en zag helemaal onderin het licht: alleen de genade van God redt de mens. Daar kan niets anders aan bijdragen, geen aflaten, niets. Hij was bijzonder strijdbaar en schreef bijzonder veel.
Een aantal gedachten uit het boek blijven me wat bezighouden:

Niets is zo klein, of God is nog kleiner. Niets is zo groot, of God is nog groter etc.
God is in alles. Want als Hij het schept en onderhoudt, moet Hij er zelf in zijn, moet Hij Zijn creatuur in haar allerbinnenste kern en haar allerbuitentenste kleed zelf in stand houden.

We kunnen God niet kennen uit natuur en geschiedenis. Wat wij in het leven van natuur en geschiedenis met onze eigen ogen zien, is altijd maar een masker en aardse, verwrongen, vaak verwrongen verschijningsvorm. Wij vermoeden God daarachter, wij weten dat Hij daarin is.

Een paar uitspraken uit het boek. Luthers ideeën zijn ook voor politieke doeleinden gebruikt, hij gruwde daarvan.  In het laatste hoofdstuk wordt zijn houding tegenover de Joden besproken. Die was fout en kwam voort uit onbegrip dat zij niet inzagen dat de nieuwe Bijbelse uitleg ook hen aanging en dat ze zich niet bekeerden. Hij was geen antisemiet. Dat zegt dhr Kooiman tenminste. Maar Luther was geen heilige. Hij had fouten. Hij heeft aanzet gegeven tot een bepaalde ontwikkeling, meer niet. De neiging om allerlei belangrijke mensen te verheerlijken moeten we hier echt onderdrukken. Mijn Lutherische kerk heeft afstand genomen van zijn ideeën over joden. Gewoon fout, slecht, middeleeuws.

Wat duidelijk wordt, is dat je moet oppassen om iemand volledig te volgen. Iedereen heeft ergens een vreemde knoop aan zijn jas. Mijn favoriete aforisme: ‘Geloof degenen die de waarheid zoeken, twijfel aan degenen die haar hebben gevonden’ gaat ook hier op. Luthers persoonlijke ervaring kleurt sterk zijn hele leer.

Een belangrijk onderdeel is de leer van de twee rijken (volgens pfarrer Maenl  ‘Zwei Regimenten’): het rijk Gods en het wereldse rijk.
Ondanks het feit dat hij toch wel als geweldig mens wordt neergezet, is er ook wel aandacht voor zijn onhebbelijkheden en woede uitbarstingen. Het is een prachtig boek. Het is vast nog wel ergens bij een antiquariaat te krijgen. Doen!

Zwaarden, paarden en ziektekiemen – Jared Diamond

ZwaardenPaardenDit boek leende ik van een kennis. Het is alweer zo’n 20 jaren geleden geschreven. De ondertitel luidt: ‘De ongelijkheid in de wereld verklaard’. Daar gaat de schrijver mee bezig en draagt een grote hoeveelheid feiten aan. Het is niet mogelijk om al die feiten in deze korte beschrijving weer te geven. De essentie is eigenlijk dat het één tot het ander leidt.
De eerste stappen zijn het moeilijkst, maar waarom wordt die wel hier , maar nooit daar gezet (of andersom)? Bijvoorbeeld landbouw en veehouderij. Als je landbouw wilt plegen, heb je gewassen nodig. Er moeten in jouw buurt dus gewassen zijn die zich laten cultiveren. De meest bruikbare gewassen groeiden in de ‘Vruchtbare Halve Maan’ in het Midden Oosten. Ook de makkelijkst te domesticeren dieren waren daar. En dus gebeurde het daar. Als er meer voedsel wordt verbouwd, zijn er ook meer mensen die zich met andere zaken kunnen gaan bezighouden. Je krijgt andere ambachten, steden kunnen ontwikkelen enz.
Het blijkt ook dat uitvindingen zich makkelijker van oost naar west (of andersom) verplaatsen dan van noord naar zuid. Het gevolg was dat in het Euraziatische continent vele uitvindingen snel verspreid raakten. Bijvoorbeeld ook het schrift. Dat was een heel moeilijke uitvinding die slechts 2x is uitgevonden (mogelijk 3x). Maar als het idee er eenmaal is, dan zoiets zich snel verspreiden, ook al is het alleen maar het idee, zonder concrete voorbeelden.

Maar heb je geen gewassen om te verdelen of dieren om te domesticeren, dan gebeurt dat dus ook niet en zal de ontwikkeling van zo’n groep anders zijn. In sommige streken op de wereld werden in de vorige eeuw nog stenen gereedschappen gebruikt die zo primitief waren dat ze 15.000 jaren geleden op het Euraziatische continent al niet meer werden gebruikt.

In deze trant gaat het boek verder en leidt tot boeiende inzichten en vooral ook veel weetjes. Het is in ieder geval niet zo dat sommige mensengroep dommer zijn dan andere of meer geneigd tot abstractie. Als je een groep die nooit een paard heeft gezien, paarden geeft, dan weten ze die in korte tijd te gebruiken. En zo is het eigenlijk met alle vindingen.
Het boek is een echte aanrader!

The Poverty Of Riches – Kenneth Baxter Wolf

PovertyOfRichesEen uniek boek over de heilige Franciscus. De vraag is eigenlijk: was hij wel arm? En zo ja, waarom dan? Is armoede een deugd? Waarom zijn de armen dan niet blij? Wat deed Franciscus dan voor de armen?

Volgens de schrijver zit het Zo: hij kwam uit een rijke famile, had een rijke infrastructuur. En je kunt wel van alles afstand doen, maar dat maakt je niet arm. Opvallend is dat de beweging korte tijd later zoveel geld en goederen op zich af zag komen, dat je je kunt afvragen of ze wel iets met armoede hadden. Het is beter te stellen dat Franciscus zich onthechtte van alle goederen, ja, zelfs overgevoelig reageerde. Hij deed armer dan de meeste armen waren, zie zijn kleding. Tegenwoordig loop er nog zoe iemand rond rond het Vaticaan. Niet normaal arm gekleed, maar extreem. Jutezakken. Om een punt te maken. En dat deed Franciscus. Maar echt arm zijn, dat deed hij niet.
Hij deed ook vrijwel niets voor de armen. Die halen ook niet uit Franciscus daden en leven dat zij nu iets geweldigs doen. Franciscus was bezig met zijn eigen ziel.
De schrijver noemt nog broeder Raymon uit Piacenza , die zelf uit eenvoudig milieu kwam. Hij was begaan met het lot van de armen. Maar hij had weinig volgelingen en werd dan ook niet beroemd. Wel heilig.

Zie ook dit krantenartikel

Pilaren van de aarde – Ken Follett

PilarenHet thema waar alles uiteindelijk om draait is de bouw van een kathedraal. Althans, dat denk je. Uiteindelijk komt de vraag hoe je als volk het gedrag van koningen en graven aan banden kunt leggen. Want die denken dat ze kunnen doen en laten wat ze willen. Dit wordt geen recensie, daarvan staan er genoeg op het internet, zie bijvoorbeeld HIER.
Het is een mooi verhaal over de leefwereld van 12e eeuwse inwoners van Engeland. De macht van de kerk, de macht van bisschoppen de soms volkomen onverantwoordelijkheid van de adel en de vorsten. Intrige.

In de eerste helft wordt het verhaal mooi opgebouwd, alle ingrediënten voor spanning en suspense zitten erin. Aan het eind heb je het idee dat de ontknopingen afgeraffeld worden. Wie dood moet gaat dood, wie vernederd moet worden, wordt dat ook en aan het eind wordt er gepoogd om er toch een serieuze historische roman van te maken, je ziet de stijl verschuiven.
Een 7 op de schaal van de artsoetgrunn. Niet meer, maar zeker ook niet minder.
Een mooi en onderhoudend verhaal, ik heb het in 1x uitgelezen.