Scientific American – A Matter of Time

Dit nummer begint met enige fysische beschouwingen over tijd. Hoog speculatief en vooral beschouwend. Het is duidelijk dat men daar niet echt raad mee weet.

In het biomedische artikel  ‘Biological clocks’ staat een opmerking over de relatie tussen deficiënte bioklokken en o.a. ADHD, Parkinson, kanker en SAD. ADHD zou te maken kunnen hebben met frequente aandachts spikes die de interne klok starten, zoiets. Bij Parkinson is er minder dopamine beschikbaar, zelfde verhaal, tijd wordt anders ervaren.
Het corpus striatum is één van die plaatsen in het brein waar duizenden neuronen convergeren naar naar 1 neuron.
Het 24-uursritme zit stevig verankerd in ons lichaam. Ook in celkweken is een circadiaan ritme aanwezig. De tijdvariatie is minimaal.
Hoewel licht niet nodig is voor dit ritme, is het wel nodig om de klok aan te passen aan de actuele situatie. De feitelijke klok zit gedeeltelijk in de Nucleus Supra Chiasmaticus, in ieder geval als het gaat om bloeddruk en lichaamstemperatuur.
De menstruatiecyclus heeft niets met de maanstand te maken, de overeenkomst zou toevallig zijn.
De relatie tussen geheugenverlies en tijd laat zich goed illustreren bij schade van de hippocampus en de temporale kwab. Hippocampus schade maakt de vorming van nieuwe herinneringen onmogelijk. De temporale kwab is essentieel bij het opslaan en oproepen van tijd gerelateerde herinneringen. Het lijkt er op dat tijd lijn geheugen en gebeurtenis geheugen twee verschillende dingen zijn.

Tenslotte nog enige artikelen over klokken en tijdmeting. Die heb ik overgeslagen.